Woody


Daar zijn ze weer! Evelien Bosmans, Joke Emmers, Thomas Janssens, Matthias Meersman en Tanya Zabarylo! En voor het eerst spelen ze alle vijf sámen in 1 stuk! Alleen – welk stuk? Waar kunnen ze het over hebben? Dertien jaar na het afstuderen, is de schwung er precies wat uit.

De vijf lijken last te hebben van een 30-something blues. Waar is het vuur dat ze als twintigjarigen hadden? De schaamteloze romantiek? Zijn ze in slaap gewiegd door de focus op huisje, tuintje, boompje, kindjes? Ze hebben alle reden om gelukkig te zijn – maar zijn het desondanks niet.

Het wordt tijd om te herbronnen; zich vanuit onverwachte hoek te laten inspireren. Wat als ze nou eens een nieuw toneelstuk bestelden bij de grootmeester van passie en verloren dromen; dé auteur met de langst lopende carrière in showbizz: Woody Allen! Alleen… is Woody Allen niet verbrand? Mag je nog wel met zo iemand werken? Zit het hen dan nooit eens mee?!

Isomo 2


The Isomo Project II is een dansvoorstelling waarin de relatie tussen taal, beweging, waarneming en transformatie wordt onderzocht. Het uitgangspunt is om te experimenteren met audiodescriptie: de voorstelling verdiept zich in het beschrijven van dans en wil van die beschrijving zelf een esthetische ervaring maken zodat beweging ook toegankelijk wordt voor mensen die slechtziend of blind zijn. Hoe luister je naar beweging? Hoe kan taal geïnterpreteerd worden als bewegingsvorm? The Isomo Project II zet in op nieuwe visuele woordenschat voor de omschrijving van beweging, dans en diverse lichamen. Samen met dansers Saïd Gharbi, Hernán Mancebo, Anya Senognoeva en muzikanten Kobe Proesmans en Aarich Jespers (The Colorist) worden in de voorstelling verschillende manieren van visuele en auditieve percepties afgetast.

‘The Isomo Project II’ is een dansvoorstelling waar het gebruik van audiodescriptie deel uitmaakt van het creatieve proces. Deze artistieke keuze daagt het publiek uit om een nieuwe beleving van kunst te omarmen waarin invaliditeit op zichzelf een esthetische waarde vertegenwoordigt. Voor deze creatie wordt er gewerkt met een inclusieve cast van drie dansers, waarvan één danser met een visuele beperking. Twee muzikanten zorgen voor de muzikale live begeleiding en staan mee op de scene. Daarnaast werken we met een lichtontwerper die de voorstelling mee opvolgt en een sound engineer die live soundscapes en audiobeschrijvingen mixt.

Opening Night 

Hoe wil je spreken? Intens toch? Je wilt toch intens spreken? Hoe wil je leven? Groots en meeslepend, toch? Ik heb het leven altijd intens gespeeld. Alles wat ik over liefde weet, weet ik door de liefde te spelen.  En toen gebeurde het, in de overmoed, altijd de overmoed.  Toen is het gebeurd, toen ben ik mijn tekst vergeten,  toen wist ik plots niet meer wat te zeggen. Opening Night is de eerste grote voorstelling van DE HOE, geschreven door alle schrijvers en gespeeld door alle spelers, over drie generaties heen. Onder invloed van het uitzonderlijke filmwerk van John Cassavetes en het acteerwerk van Gena Rowlands speelt DE HOE de overdaad, maar ook de liefde en de kwetsbaarheid. Opening Night is een collectieve zoektocht naar een Nieuwe Emotionaliteit in een emotioneel verzadigde samenleving. Flirtend met sentimentaliteit spelen op leven en dood. Spontaan, en toch geregisseerd. Oprecht en tegelijk ook weer niet. Opening Night is een première die nog gerepeteerd moet worden, een open repetitie die ook een scène is waarin toneelspelers de scène van een open repetitie repeteren. In de wanhopige opvulling van de leemte die ontstaat wanneer een acteur zijn woorden verliest, ondernemen zeven spelers samen een koortsachtige, tragikomische zoektocht naar hoe ze zo waarachtig mogelijk kunnen zijn.

We Gaan Deur

Het publiek volgt een amateurgezelschap bij hun generale repetitie. Ze krijgen het hard te verduren, want één ding is glashelder: het gezelschap is nog niet klaar. Niet klaar met hun personages, niet klaar met hun tekst. En zeker niet klaar voor hun première. In deel 2 draait het decor 180 graden en loopt de verwarring achter de schermen gewoon door. En net als men denkt dat het niet erger kan, drijft deel 3 alles nog eens heerlijk op de spits. ‘We gaan Deur!’ Is een secuur getimede absurdistische komedie vol verwarring, spelplezier en misverstanden, waarbij de personages en het publiek op het eind van de avond buikpijn hebben van respectievelijk de stress en het lachen. Alles op de scène ligt in duigen, maar uw avond kan niet meer kapot!

M O I R A


Moira 
is de antieke Griekse godin van het lot, die beschikt over leven en dood van zowel mensen als goden. Ze kwam voor in drie gedaanten. Klotho, de spinster, ontwikkelt de levensdraad met haar spinnewiel. Lachesis rolt de gesponnen draad op of houdt hem vast – het is de godin die toedeelt en het lot bepaalt. Atropos snijdt onvermijdelijk de levensdraad door. De drie Moiren staan symbool voor een muzikale en visuele triptiek waarvoor HERMESensemble en Catalina Vicens de muziek verzorgen en Kurt D’Haeseleer een originele video creëert. Het publiek beleeft de unieke totaalervaring van een audiovisueel concert. 

Catalina Vicens improviseert op middeleeuws organetto, en put uit het vele recente materiaal dat tal van hedendaagse componisten voor haar schreven. Ze treedt in dialoog met leden van HERMESensemble, omkaderd door de atmosferische video en de bewerende electronics. HERMESensemble brengt het weergaloze ensemblewerk [incipits] van de Gentse componist Daan Janssens, en grijpt daarnaast improvisatorisch terug naar polyfone fragmenten van Orlandus Lassus. Videokunstenaar Kurt D’Haeseleer construeert een drieledig wandtapijt, waarbij hij een reis maakt terug in de tijd van Artificiële Intelligentie, over Industriële Revolutie tot de Renaissance. 

Wie niet weg is, is gezien

In Wie niet weg is, is gezien! maak je kennis met zij, hij en hem. Zij speelt zonder woorden met woorden. Hij tokkelt op zichzelf en op wat hem omringt. Hem duikelt en struikelt. Zo komen ze samen tot een nieuwe taal vol extraverte energie en eenvoud en vertellen een verhaal van blijven, zijn en worden.    

Parade

In deze rare, hebzuchtige, kwade, egoïstische tijden. Stel je voor. We hebben een stoet van kwetsbare mensen. Eén voor één bieden ze de wereld een geschenk aan. Iets waarvan ze overtuigd zijn dat de wereld er beter van wordt. Misschien is het een lied. Misschien een verhaaltje. Misschien een voorwerp dat ze hebben gekregen van hun vader. Of iets wat ze meegebracht hebben van hun vaderland. Maakt niet uit wat. Maar het is dierbaar, heel dierbaar. En toch willen ze het afstaan, ze willen het ten geschenke geven. Misschien weten ze aan wie ze dat willen geven. Aan die ene persoon die ze dankbaar zijn. Die ene persoon die ze maar 1 keer hebben gezien maar die een onvergetelijke indruk liet. Die ene klootzak die hen voor het leven heeft getekend. Het kind dat ze verloren hebben. Die ene geliefde aan wie ze alleen maar op met dat geschenk kunnen zeggen hoe graag ze die zien. Of misschien willen ze het aan de wereld geven. Aan de wereld van morgen. Een parade van mensen met geschenken. Een podium vol geschenken. Waardoor de wereld misschien – maar misschien ook niet – 1 millimeter verschuift en 1 millimeter mooier wordt.

Mozart Requiem

Franz Schubert – Symphony no. 8 ‘Unvollendete’ D.759 György Ligeti – Lux aeterna  Wolfgang Amadeus Mozart – Requiem in d-mol (KV 626) Ironisch genoeg schreef Mozart zijn beroemde Requiem vanuit zijn eigen sterfbed. Bij zijn dood liet hij een onvoltooide partituur achter, alsof zijn afscheid van het leven niet het einde mocht betekenen van zijn muziek. En zo geschiedde: zijn grootschalige werk voor koor en orkest is van een onaardse pracht, die nog altijd troost biedt. Vele generaties later vond ook Ligeti inspiratie bij het eeuwige licht. In zijn Lux Aeterna vormt een wervelend web van klanken een mysterieuze muzikale nevel die de eeuwigheid voorstelt. Ook de überromanticus Schubert ontvluchtte liever het aardse bestaan: “het innerlijke leven is het enige leven”, klonk zijn motto. Net als Mozart liet hij zijn meest bekoorlijke werk op een toepasselijke manier achter: onvoltooid.

Haunted


 “I do not suffer from insanity. I enjoy every minute of it.”

Edgar Allan Poe (1809 – 1849) 

Wat is tenslotte angst anders dan een gebrek aan controle door de rede? Edgar Allan Poe’s personages trachten verschijnselen te verklaren die aan hun begrip lijken te ontsnappen. Ze formuleren hypothesen en voorspellingen, vertrouwend op zintuiglijke waarnemingen. Maar meestal blijkt hun redenering onjuist en ontstaat er een gevoel van naderende en oncontroleerbare dreiging. In de verhalen van Poe zijn situaties van direct gevaar eerder zeldzaam. Daarentegen komt geanticipeerde en ingebeelde angst veel vaker voor: het gevaar schuilt niet in de buitenwereld maar in onszelf. 

Een eigenaardig kenmerk van zijn poëzie is Poe’s voorkeur voor omgevingen, objecten of fenomenen met een abstracte, zelfs geometrische kwaliteit. De slinger van The Pit en de Pendulum, de plattegrond van het paleis van The Masque of the Red Death, of het abstracte schimmenspel van schilderijen in The Fall of the House of Usher, zijn slechts enkele van de vele mogelijke voorbeelden. Vorm en ruimte worden bij Poe heel vaak beschreven in termen van kleur, vorm, textuur, beweging. Indirect stelt hij zo de perceptie van die fenomenen in vraag. 

Juist in deze balans en verkenning van de grenzen tussen werkelijkheid en verbeelding, tussen zintuiglijke waarneming en ongrijpbaar mysterie, tussen rationaliteit en irrationaliteit, schuilt de fascinatie voor de wereld van Poe. 

Met HAUNTED produceren HERMESensemble en de jonge wolven van Nemø ensemble een verzameling composities geschreven door Pietro Dossena geïnspireerd door het literaire werk van Edgar Allan Poe. Samen onderzoeken ze de fascinerende elementen die hij gebruikte in zijn schrijven en vertalen ze naar het podium via muziek en performatieve elementen. Haunted brengt de eigenaardige wereld van Poe tot leven in een multimediale voorstelling die ons laat nadenken over hoe we onze wereld ervaren. De perceptie van het publiek wordt daarbij in vraag gesteld: hoor ik wat ik denk te horen? Zie ik wat ik denk te zien? Een prikkelende voorstelling die onder de huid kruipt. 

Adjusting Hope

‘Wie geboren wordt, krijgt twee paspoorten mee, één voor het rijk der gezonden en één voor het rijk der zieken. En al gebruiken we het liefst alleen het goede paspoort, vroeg of laat moet iedereen zich identificeren als burger van dat andere rijk.’ – Susan Sontag
“Mijn moeder was een sterke vrouw, hard, koud. Buitenstaanders zeiden het ook altijd: uw moeder was een vechtersbaas. Zelfs toen ze ziek werd; zeker toen. In tegenstelling tot ik; die ervan wegvluchtte. Van mama’s ziekte; van mijn ongeschreven taak als troostende zoon. Ik duwde al mijn schuldgevoel weg met het excuus: mijn moeder is immers zo sterk. Tot ze stierf; nu net gestorven is; en ik voor het eerst haar dagboeken lees; voor het eerst te weten kom hoe eenzaam ze zich heeft gevoeld; hoe machteloos. En wat ik allemaal heb nagelaten voor haar te doen. ” Weinigen hebben zo intens over ziekte en ziek zijn geschreven als Susan Sontag. Haar onderzoek naar ons denken hierover is nog altijd relevant en soms onverwacht troostrijk. Dat ziekte één van haar belangrijkste literaire motieven werd, vloeide uiteraard voort uit haar eigen gevechten met leukemie. Maar Sontag repte met geen woord over haar privé. Nooit. Zelfs niet tegenover haar familie en vrienden. Het was pas na haar dood, dat haar zoon David Rieff te weten kwam welke gevoelens van angst, verlatenheid, depressie er daadwerkelijk bij z’n moeder speelden, toen ie haar dagboeken las. Toen kwam de spijt dat hij er zo weinig voor haar was geweest. Maar dan was het natuurlijk al te laat. Voor zijn moeder. Maar hij, hoe moest hij nu voort? Met de dagboeken van Susan Sontag, David Rieff en Sigrid Nunez onder de arm schrijft en regisseert Thomas Janssens een monoloog voor één van België’s grootste acteurs: Dirk Roofthooft. Een toneelvoorstelling over hoe – wanneer iemand ziek valt – we op ons kwetsbaarst zijn. Omdat het ons aan de eigen sterfelijkheid herinnert? Omdat de mens een noodlot niet verdraagt? Wat betekent ‘zorgen voor je naaste’ vandaag? Hoe vullen we dat in?